Dit zijn ’s werelds meest bizarre oorlogsfiguren

309

Net als zoonlief kijkt u erg hard uit naar de start van het nieuwe schooljaar. Z’n lerares zal maar lesgeven in de Moderne Dubbele D. Om toch enigszins te imponeren tijdens het oudercontact, studeert u best een paar originele oorlogsfiguren in. En belooft u de wederhelft plechtig dat u dit jaar de oudercontacten helemaal alleen doet. 

Zenobia

Ongezien uithoudingsvermogen
Kent u Syrië vandaag als het te vermijden land voor een rugzakreis dan was het gebied 2000 jaar geleden juist enorm ontwikkeld. Palmyra bijvoorbeeld was een pracht van een oasestad in het midden van de woestijn waar ze dankzij handel en het beschermen van reizigers meer centen hadden dan Bill Gates en Warren Buffett samen.

Vooral onder gezag van de ravissante koningin Zenobia kent Palmyra een hoge vlucht. Iedereen tevreden, denkt u dan, maar het dametje heeft toch wel wat kantjes. Dat ze na een gewonnen veldslag triomferend het hele Midden-Oosten rondreist op een witte kameel, valt nog te begrijpen. Na een gewonnen wedstrijd van de Rode Duivels toetert u zichzelf ook de vernieling in. Maar zichzelf princeps laten noemen (de voornaamste) en haar hoofd op alle goudstukken uit de wijde omtrek afdrukken, gaat er toch wel over.

Uiteraard is Zenobia wreed. Ze zou haar man en diens hele familie uitgemoord hebben om de macht te kunnen grijpen. En ze verslaat maar liefst drie Romeinse keizers die Palmyra op het zandsecreet willen veroveren. Dat doet ze nog het liefst zelf, op haar nooit aflatende, door medestanders vaak als roekeloos omschreven manier van vechten.

Ook in bed laat Zenobia zich gelden met honderden, volgens sommigen zelfs duizenden bedpartners op het palmares. Al snel doet de ronde dat de bedspondeprinses over een ongezien uithoudingsvermogen beschikt en dat ze niet vies is van, heu, deviante vormen van seks – daar is de witte kameel weer.

Aan de (seks)spelletjes van Zenobia komt een eind in 272, wanneer de Romeinse keizer Aurelianus haar legers verslaat en Palmyra inneemt. Wat dan precies gebeurt met de koningin is, zoals bij veel legendes, niet helemaal duidelijk. Wellicht halen Romeinse soldaten haar ergens aan de oevers van Eufraat in, vlak voor ze wil vluchten met een veerboot.

Wat de wilde woestijndochter nog met de soldaten doet vooraleer ze gedood wordt, laten we aan uw verbeelding over.

William Quantrill

De losgeslagen leraar
Thomas Henry Quantrill en Caroline Cornelia Clark uit de Amerikaanse staat Ohio maken in totaal twaalf kinderen. Maar geen enkele schrijft zich zo stevig de geschiedenisboeken in als de eerste. Aanvankelijk is William een godenkind. Hij studeert goed, wordt leraar en krijgt zelfs lof voor z’n manier van lesgeven. Maar wanneer pa Quantrill in 1854 overlijdt aan tuberculose springt een eerste – weliswaar nog klein – zekeringetje in de hersenkast.

William Quantrill onderhoudt nog even het berooide gezin, maar verdwijnt dan om te gaan werken in een houtbedrijf. Daar springt een tweede zekering als William tijdens de late shift uit het niets een man omlegt. Zelfverdediging, beweert hij. En omdat niemand de dode kent, volgt ook de politie die piste.

Na wat zwerven door verschillende staten sluit hij zich in 1861 aan bij de Geconfedereerden om in volle Amerikaanse burgeroorlog te strijden tegen de Unie. Wanneer hij na een paar maanden vol disciplineproblemen deserteert en zijn eigen privémilitie opricht, ontploft de hele zekeringenkast. William Clarke Quantrill gaat aan het moorden en schuwt daarbij geen onschuldige slachtoffers.

De meest legendarische raid houdt hij op 21 augustus 1863, wanneer hij met vierhonderd handlangers erg vroeg in de ochtend het plaatsje Lawrence bezoekt. Het hol in de staat Kansas is de woonplaats van een noordelijke senator en daar wil de zuidelijke zot een eitje mee pellen. De noordelijke senator kan nog ontsnappen – door stijlvol met nachthemd door de maïsvelden te vluchten – maar de meeste inwoners van Lawrence niet.

Quantrill en de zijnen brengen in totaal 183 dorpelingen om met slechts een regel: iedereen die een wapen kan dragen, moet eraan. Ook kinderen dus. En dat doet de oud-leraar bij voorkeur zelf.

Wanneer Quantrill om 09.00u ’s ochtends de massamoord staakt, mag hij een van de meest gruwelijke oorlogsdaden uit de Amerikaanse burgeroorlog op zijn naam schrijven. Een prestatie, want in dat onderonsje vallen in totaal een dik half miljoen doden.

Als Quantrill op 6 juni 1865 op 27-jarige leeftijd sterft aan een schotwonde, is de teneur een beetje zoals AA Gent en zijn recente Europese campagne: het was beter om te vertrekken.

Sergeant Reckless

Zuipende merrie
Van een land dat voortdurend aan het bakkeleien is met anderen, verwacht u dat het de ene oorlogsheld na de andere aflevert. Toch komt in ongeveer elk Amerikaans tophonderdlijstje met heroes of all time  dezelfde naam terug: Sergeant Reckless, een merrie – jawel – die zich tijdens de Koreaanse oorlog onsterfelijk maakt als transportmiddel.

Het Amerikaanse leger koopt het beest in oktober 1952 van een Koreaanse eigenaar in Seoul die geld nodig heeft om het kunstbeen van z’n zus te betalen. Kostprijs: 250 Amerikaanse dollar. Twee keer niks voor het stukje paardenfilet van 410 kilogram. Mongoolse paarden staan sowieso bekend voor het uithoudingsvermogen, de werkkracht en de hardheid. Maar het paard van de Koreaan is werkelijk de Chuck Norris onder de knollen: niet kapot te krijgen.

Na wat training gaat Reckless al meteen liggen wanneer ze onder vuur genomen wordt. Als de soldaten ‘Incoming!’  schreeuwen om te waarschuwen voor een inslag, loopt het de dichtstbijzijnde bunker binnen. Dat wekt sympathie op bij de soldaten.

Wanneer ze ook nog eens eieren en chocolade begint te eten, en cola en bier begint te zuipen zoals de rest van de bende, is Reckless helemaal een icoon. Sommige soldaten gaan er zelfs zo in op dat ze de knol bij koud weer in hun tent laten slapen.

Reckless beleeft het hoogtepunt van haar oorlogscarrière in maart 1953 tijdens een driedaags gevecht in Panmunjom. Op één dag tijd loopt ze eenenvijftig keer van wapenarsenaal naar frontlijn en terug om de Amerikanen met wapens te bevoorraden. Dat is goed voor zesenvijftig kilometer en een totaalgewicht van om en bij de vier ton. Een ruiter moet het leger niet voorzien. Mevrouw kent de weg. Zo goed en handig zelfs dat ze maar twee keer (licht)geraakt wordt door vijandelijk geschut.

Na het einde van de Koreaanse esbattementen in 1953 – Reckless is inmiddels gepromoveerd tot sergeant – krijgt het paard verschillende onderscheidingen. Ze keert terug naar de Verenigde Staten, wordt gehuldigd als oorlogsheld en blijft in dienst tot 1960.

Acht jaar na haar pensioen overlijdt ze na een val in prikkeldraad, ironisch genoeg een van de dingen die ze geleerd had te mijden tijdens haar oorlogsjaren.

Jean de Selys Longchamps

Osama avant la lettre
Het is 1943 en Jean de Selys Longchamps heeft geen wedstrijd van de Rode Duivels nodig om z’n Belgische gevoelens op kookpunt te brengen. Wel een Hawker Typhoon-gevechtsvliegtuig met vier kanonnen van 20 millimeter en een gebouw bomvol Gestapo-tuig. De beruchte Duitse geheime dienst heeft haar hoofdkwartier op de Louizalaan nummer 453 in Brussel en dat weet heel België, maar is toch vooral een steek in het hart van oer-Brusselaar de Selys.

De majoorszoon zit in dienst bij de Belgische sectie van de befaamde RAF en kauwt al maanden op een plannetje om het geloof van zijn landgenoten in de overwinning weer wat op te krikken. Wanneer op 20 januari de zichtbaarheid perfect is, stijgt Jean samen met een collega op in Engeland. Beide heren vernielen eerst nog wat Duitse doelwitten in West- en Oost-Vlaanderen. Vervolgens vliegt Jean, tegen alle orders in en ganz allein, door naar de hoofdstad.

De Selys kent het centrum van Brussel van buiten en scheert over de hoofdstad en tussen de gebouwen als een volleerde Al Qaeda-piloot. Nog voor de Duitsers hem kunnen stoppen, neemt zijn Hawker Typhoon een duikvlucht naar het hoofdkwartier van de Geheime Staatspolizei en schiet hij het gebouw aan flarden. Hooguit een paar seconden heeft de Selys nodig. Dan gooit hij volgens getuigen een Belgische vlag en een Union Jack naar beneden. Kwestie van de Duitsers diets te maken vanuit welke hoek de onverwachte patat komt.

Het nieuws verspreidt zich door de straten van Brussel als fipronil in West-Europese eieren. Maar echt uitbundig durven de Kiekefretters niet te vieren. De Duitsers zijn immers wütend  op de vernietigende Belgische Blitzkrieg.

Over de schade is evenwel discussie. Het ene rapport heeft het over een dertigtal dode Duitsers, het andere over vier plus ene hoofdcommandant Müller. Feit is wel dat de solo-aanval van Jean de Selys Longchamps als een echte heldendaad gezien wordt. Niet meteen bij aankomst in Engeland, waar hij eerst nog op de vingers getikt wordt door zijn superieuren, maar wel drie maanden later als hij het Distinguished Flying Cross krijgt opgespeld.

De Selys Longchamps overlijdt op 16 augustus 1943 nadat Duits luchtafweergeschut zijn vliegtuig onherstelbaar beschadigt en hij te pletter stort op een landingsbaan. Als u vandaag op de Louizalaan in Brussel langs de oude Gestapo-building rijdt, merkt u aan de overkant een kunstwerk op met een beetje een onnozel gouden pilotenhoofd. Dat is ‘m.

Elagabalus

Afsnijden, kapotslaan of wegbranden
Van alle maffe Romeinse keizers is Caligula wellicht de meest bekende. Hij doodt mensen om de meest banale zaken. (Wat?! Mijn bad is te warm! Wachters!) Maar Caligula laat ook een brug bouwen om over water te kunnen lopen en gooit de eerste vijf rijen toeschouwers in de arena als hij merkt dat er niet genoeg criminelen meer over zijn voor het fel gesmaakte leeuwennummer.

Ook op seksueel vlak laat Caligula zich niet onbetuigd. Als er bij hem mosselen op tafel staan, doelt hij niet op schaaldieren, maar op het consumeren van zijn eigen zussen tijdens én op de feestmaaltijd.

Marcus Aurelius Antoninus, beter bekend als Elagabalus en keizer van het Romeinse Rijk van 218 tot 222, is minder berucht maar van hetzelfde dwangbuistype. Meneer komt door omstandigheden als veertienjarige op de troon en dat maakt een en ander in hem los.

Zo belooft hij gigantische sommen aan de dokter die hem kan veranderen in een vrouw en informeert hij bij iedereen naar de meest efficiënte manier om van z’n kachelbuis af te geraken: afsnijden, kapotslaan of wegbranden met hete kolen.

Intussen vult hij de dagen met het uitkiezen en dragen van vrouwenkledij, het testen en aanbrengen van make-up én het frequenteren en witten van elk bordeel in Rome.

Ook in het paleis is niemand veilig voor de wensen van de keizer. Elagabalus maakt er een sport van om naakt rond te lopen en iedereen te verleiden die hij tegenkomt, Praetoriaanse wachters incluis.

Na vier jaar wanbeleid, een eigen tempel en een benoeming van zichzelf als hoogste priester vindt zo ongeveer de hele Romeinse bevolking dat het genoeg geweest is. In het kamp van de Praetoriaanse garde komt het tot een treffen. Elagabalus en zijn moeder worden door de eigen lijfwachten vermoord, onthoofd en door de stad gesleept. Het lichaam van de keizer eindigt in de Tiber, dat van z’n moeder ergens tussen het vuilnis van het keizerrijk.

Basil II

Meedogenloos
Basileios II is een keizer van het Byzantijnse Rijk die de lakens uitdeelt van januari 976 tot december 1025. Hij is een uitstekend soldaat en dito paardrijder, maar als het op originele folterideeën aankomt, geeft hij zelfs  de scenarioschrijver van Familie het nakijken.

Het is het jaar 1000 als Basil De Slachter vol goede moed begint aan het veroveren van het Bulgaarse rijk. In juli 1014 komt het in het Belasica-gebergte tot een legendarisch treffen met Bulgaarse soldaten in de Slag bij Kleidion.

Met het verloop van de veldslag slaan we u niet om de oren. Interessanter is wat overwinnaar Basil met zijn – volgens de overlevering – tussen de 14.000 en 15.000 gevangengenomen soldaten doet. De Byzantijnse superieur is immers niet van plan er een kruimel brood in te steken en beslist om ze terug te sturen naar waar ze vandaan komen.

Dat doet hij niet zonder ze eerst netjes onder te verdelen in groepjes van honderd. Zo kan Basil van 99 soldaten de twee ogen uitsteken met een brandende staaf, om telkens eentje over te laten met één oog. Iemand moet de bende blinden tenslotte over de bergen kunnen loodsen, richting Bulgaarse hoofdstad Ohrid.

Begin oktober komt het eerste zootje ongeregeld aan. De Bulgaarse keizer Samuel is zo onder de indruk van de – heu – aanblik van z’n mannen, dat hij een beroerte krijgt en sterft. Vier jaar later heeft Basil II heel Bulgarije veroverd. In 1025 sluit hij zelf voor eeuwig de ogen als leider van een bijna 18 miljoen inwoners tellend rijk.

Manfred von Richthofen

Een tas voor elk slachtoffer
Als het cliché wil dat u met een Duitser nooit klaar bent, dan is de kans groot dat Manfred von Richthofen de hardnekkigste was. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was de gevechtspiloot zo’n lastpost dat hij in totaal tachtig vijandelijke vliegtuigen neerhaalde. Geen enkele andere vliegenier uit eender welk land deed ooit beter.

Von Richthofen was een jager pur sang. Eerst op dieren, daarna op mensen. Maar altijd even fanatiek. Hij maakt er zelfs een sport van om de plaats van zijn fatale schot samen met de datum te laten graveren in een zilveren tas. Dat laat hij zestig keer doen, tot de Berlijnse juwelier in 1917 de productie moet stopzetten wegens zilverschaarste.

Het eerste slachtoffer van von Richthofen valt op 17 september 1916 aan het Franse front in Villers-Plouich. Pechvogel was de Britse piloot Tom Rees, een kerel waarvan u nooit het bestaan geweten had als hij niet het allereerste hapje van de Duitse duivel geweest was.

Maar eigenlijk zijn alle tachtig slachtoffers van von Richthofen bekend, compleet met uur van treffen erbij. Zo heet zijn laatste slachtoffer David Greswolde Lewis, neergehaald op 20 april 1918 om kwart voor zeven in de buurt van Villers-Bretonneux. Naam, datum, uur. Duitse precisie.

Wanneer von Richthofen begin 1917 de leiding krijgt over een eigen eskadron, laat hij zijn eigen Albatros D.III volledig rood schilderen. Kwestie dat de tegenstander meteen ziet van wie hij het fatale schot krijgt. Von Richthofen krijgt al snel de bijnaam Rode Baron en is de schrik van de Britse luchtmacht.

Eén keer krijgen ze hem bijna neer, op 6 juli 1917 in de buurt van Wervik, als hij na een inslag zwaar geraakt wordt aan het hoofd en zelfs heel even het bewustzijn verliest. Maar von Richthofen komt in volle vlucht weer bij zijn positieven en slaagt erin om zijn toestel veilig aan de grond te zetten. Sterker nog: hij laat snel alle botsplinters uit zijn hoofd verwijderen om tegen doktersadvies in veel te vroeg weer de lucht in te gaan.

Op 21 april 1918, een dag nadat hij zijn laatste prooi naar beneden gehaald heeft, is het toch prijs als von Richthofen tijdens een vuurgevecht met Canadezen in de buurt van het Franse Cappy wordt neergehaald.

Volgens verslagen zou de Rode Baron gedood zijn door een enkele kogel. Zo heldhaftig zijn tachtig gevechten, zo banaal zijn laatste woorden: ‘Kaputt’.

Lees ook Meer van deze auteur