Dua Lipa: “Op school raadde mijn leraar me af om zangeres te worden”

625

U kan er niet meer naast horen. ‘Scared to Be Lonely’ passeert dagelijks de radiorevue en ‘Be The One’ keelt u – of uw vriendin tenminste – ondertussen blindelings mee. Sensuele stem van dienst: Dua Lipa. Geen artiestennaam, maar gewoon de paspoortnaam van de 21-jarige Britse zangeres met Kosovaarse roots. En tevens ook de naam van haar debuutalbum dat sinds kort in de winkel ligt. Wij mochten een zetel delen met de charmante schoonheid. Die kregen we achteraf spijtig genoeg niet mee. Die zetel, hè.

Alle nummers op je debuutalbum zijn van jouw hand, behalve je grootste hit Be The One. Is het niet vreemd om andermans verhaal te vertellen?
DUA LIPA:
“Niet noodzakelijk. Ik wou Be The One eerst niet zingen, omdat ik het niet zelf had geschreven. Maar dat was veeleer uit koppigheid. Later begon ik me er beter en beter bij te voelen. Het past gewoon bij me. Als zangeres moet je een nummer volledig van jou kunnen maken en je eigen verhaal ermee vertellen. Verschillende artiesten werken op die manier.”

In het nummer Blow your mind zing je: ‘Tell me I’m too crazy. You can’t tame me’. Gaat dat over jezelf?
LIPA:
 “Absoluut. Ik zing over samenleven met iemand die schrik heeft voor verandering. Iemand die ongerust is over mijn manier van leven en waar ik naartoe wil in mijn carrière. Maar het komt erop neer dat ik helemaal niet verander als mens, maar dat je dat denkt omdat je bang bent voor het onbekende en hoe ik evolueer. Mijn muziek is heel autobiografisch. Ik probeer steeds een zo open mogelijk boek te zijn en mijn allerkleinste kantjes bloot te leggen.”

Deuk in het zelfvertrouwen

Als je je bezig ziet op het podium, lijk je enorm zelfverzekerd. Of is dat slechts een gedachte?
LIPA: “Ik ben heel zelfzeker, maar dat heb ik doorheen de jaren opgebouwd. Op school raadde mijn leraar me af om zangeres te worden, omdat ik de hoge noten niet aankon. Dan mogen je ouders nog zo vaak zeggen dat je wél talent hebt, die kritiek gaf me een serieuze deuk in mijn zelfvertrouwen. Maar ik zette door en in de theaterschool geloofde mijn leraar wél in mij. Die ervaringen hebben me sterker gemaakt en daardoor ben ik beginnen inzien dat ik zelf beslis over mijn eigen geluk. En dat wat een ander zegt me niet zou mogen raken. Die manier van denken heeft me heel wat verder geholpen in mijn leven.”

Alle begin is moeilijk. Weet je nog hoe je je voelde bij je eerste grote optreden?
LIPA: “Dat was in Berlijn. Er was ongeveer driehonderd man, onder wie heel wat mensen van het platenlabel. Ik stond te trillen op mijn benen. Halverwege mijn set zong ik Thinking about you en plots kreeg ik geen adem meer. Ik vroeg mijn band om het nummer stil te leggen zodat ik even kon bekomen. Na een korte pauze en wat water kon ik er weer tegen en zette ik het nummer opnieuw in. Ik krijg nog steeds kippenvel als ik terugdenk aan dat moment. Ik ga nog steeds met een klein hartje het podium op. Dat komt, denk ik, door de combinatie van de spanning en de zenuwen. Maar ik voel dat ik enorm gegroeid ben als performer. Als ik mijn allereerste optreden vergelijk met hoe ik nu op het podium sta, dat is een wereld van verschil.”

Van elk optreden leer je ook bij, uiteraard.
LIPA:
 “Klopt. Optreden na optreden leer ik bij over wat ik leuk en niet leuk vind en word ik wijzer over mijn liedjes. Als ik het gevoel heb dat de teksten niet meer helemaal kloppen met hoe ik mij voel op dat moment, herschrijf ik ze gewoon. Soms krijg ik zelfs zo’n ingeving tijdens het optreden. Het is zo fijn dat ik mijn verhalen op deze manier kan vertellen en zie hoe de mensen die mijn muziek leuk vinden erop reageren.”

Ik krijg nog steeds kippenvel als ik terugdenk aan mijn allereerste grote optreden. Tijdens mijn set kreeg ik plots geen adem meer en moest ik stoppen.

Kosovaarse onafhankelijkheid

Je bent geboren in Engeland, maar Kosovo is je tweede thuis, nietwaar?
LIPA:
 “Ja, toen ik elf was, verhuisde ik met mijn (Kosovaarse; red.) ouders naar Pristina. Vier jaar later verkaste ik opnieuw naar Londen omdat ik een zangcarrière ambieerde. Kosovo heeft voor mij de muziekknoop doorgehakt. Daar besefte ik hoe graag ik zong en optrad voor een publiek. Ik ging voordien al naar een theaterschool in Londen, waar ik heel veel vrienden had gemaakt. Dat overtuigde me om terug naar Londen te gaan en een muziekcarrière te beginnen.”

Is er een groot mentaliteitsverschil tussen Kosovo en Engeland?
LIPA:
“Ja, toch wel. In Kosovo is er een kleine gemeenschap, dus iedereen weet alles van elkaar. Dat brengt met zich mee dat iedereen enorm vriendelijk is en er een veilige sfeer hangt. Daarnaast proberen Kosovaren steeds hun eigen plan te trekken. Dat zit in hun bloed. (Negen jaar geleden scheidde Kosovo zich af van Servië; red.) Ze staan erg positief in het leven en zijn heel vaderlandslievend. Én het zijn enorme doorzetters. Als ze iets écht willen, gaan ze er altijd voor de volle honderd procent voor. Die onafhankelijkheid en dat doorzettingsvermogen zijn zaken die ik ook meegekregen heb. Ik heb op bepaalde momenten stevig moeten doorzetten om te geraken waar ik nu sta. Ik ben zo blij dat me dat gelukt is.”

Toen je nog een klein meisje was, luisterde je naar de muziek van je vader Dukagjin Lipa. Is hij ook een grote fan van jouw muziek?
LIPA:
 “Ja. Ik vraag altijd zijn mening over mijn liedjes. Zijn kritiek is enorm belangrijk voor mij.”

Je hebt ooit met hem op het podium gestaan in Pristina. Zingen jullie wel vaker samen?
LIPA:
 “Nee, bijna nooit. Mijn vader hielp me bij het ineensteken van die show in Kosovo. Voor de verrassing hadden mijn band en ik een nummer van hem ingeoefend. Toen het zover was, vroeg ik hem mee op het podium en zong hij met mij mee. De mensen konden hun ogen niet geloven. We hadden dat nooit eerder gedaan. Dat was zo fijn.”

Eerst wou ik marketing studeren, maar nu heb ik zoiets van ‘fuck that’.

Neusje-neusje

Heb je een goede relatie met je vader?
LIPA: “Ja, zowel met mijn vader als mijn moeder. Ik ben enorm close met mijn ouders. Ze hebben me altijd gesteund in mijn keuzes, ook wanneer ik besloot om naar Londen te verhuizen. Door die keuze kunnen we ook makkelijker praten met elkaar. Ik hou hen altijd op de hoogte van alles. Zelfs tot de stomste details. Welke winkel ik net ben binnen geweest of waar ik heerlijk gegeten heb, dat weten ze meteen.” (lacht)

Spreek je Albanees?
LIPA:
 “Ja, vloeiend.”

Heb je er ooit aan gedacht om in het Albanees te zingen?
LIPA:
 “Nee, dat heb ik nog nooit gedaan. Buiten dan die ene keer dat ik een liedje van mijn vader zong. En vroeger op school zong ik wel regelmatig Albanese liedjes, zoals van Vaçe Zela (een ondertussen overleden Albanese zangeres die elf keer het Albanese songfestival Festivali i Këngës won; red.). Mijn moedertaal is Engels. Ik heb het altijd makkelijker gevonden om mijn gevoelens uit te drukken in het Engels.”

Je hebt de looks en het talent. The complete package, zeg maar. Heb je al wel eens vreemde verzoeken gekregen van diehard fans?
LIPA:
 “Geen idee, eigenlijk. Mijn fans zijn super lief en ze willen vaak een heel persoonlijke foto met mij. Soms willen ze zoals Charly’s Angels op de foto, of willen ze hand in hand met mij gefotografeerd worden. Het schattigste dat ik ooit ben tegengekomen, was een meisje dat neusje neusje deed met mij. Er zitten zoveel lieve mensen tussen. Ik heb er nog nooit iets heel vreemds mee meegemaakt.”

Mocht je geen zangeres geworden zijn, waar zou je nu dan staan?
LIPA:
 “Muziek is het liefste wat ik doe, dus ik weet het niet goed. Misschien zou ik marketing zijn gaan studeren aan de universiteit, maar dat lijkt me nu zo saai. Nu ik dit leven leid, heb ik zoiets van ‘fuck that’.” (lacht)

Foto’s : Koen Van Buggenhout

Lees ook Meer van deze auteur