Het feitenfestival: week 1

1.925

Tien dingen die u eigenlijk niet hoeft te weten. Maar die van u wel een interessante mens maken!

 

De Amerikaanse president James Garfield was een verdomd handige kerel. Hij kon – tegelijkertijd – met zijn ene hand Grieks schrijven en met de andere Latijn.

 

 

 

 

 

Al deed iemand een slordige vierhonderd jaar eerder nog beter. Leonardo Da Vinci kon met zijn ene hand schrijven, terwijl hij met de andere doodleuk tekeningen maakte.

 

 

 

 

 

 

 

 

Wat hij zoal tekende? Helikopters, bijvoorbeeld. Straf, als u weet dat dergelijk vliegding pas honderden jaren later zou uitgevonden worden. De Italiaan tekende toen ook al onderzeeërs, tanks, parachutes en vliegtuigen. Die schetsen hield hij angstvallig verborgen: voor dergelijke ‘voorspellingen’ werd je in die tijd immers nog een kopje kleiner gemaakt.

 

 

 

 

 

Is het u trouwens ook opgevallen dat Da Vinci’s meest bekende schilderij, de Mona Lisa, helemaal geen wenkbrauwen heeft? In die tijd was het namelijk helemaal in om die af te scheren. Om intelligenter te lijken, jawel.

 

 

 

 

Da Vinci was overigens een groot schilder, maar nogal slordig in de afwerking van zijn kunstwerken. Van sommige van zijn schilderijen was de verf ruim een eeuw later nog steeds nat.

 

 

 

Onze verre voorvaderen en -moederen geloofden dat je enkel en alleen van natte voeten koorts kon krijgen. Hét medicijn? Gemalen wilgenbast slikken. Een wilg staat immers altijd in het water en die moet daar bijgevolg tegen kunnen. Wilgenbast bevat logischerwijs iets dat beschermt tegen de koorts, toch?

 

 

 

Koudbloedige dieren gaan, als ze zich ziekjes voelen, in de zon liggen om koorts te krijgen. Door die koorts geraken ze namelijk eerder van infecties af.

 

 

 

 

 

Krekels hebben een soort van ingebouwde thermometer. Tel bij mooi weer gedurende 15 seconden hoe vaak zo’n krekel sjirpt, reken daar nog 37 bij en u heeft exact de temperatuur in graden Fahrenheit.

 

 

 

 

 

Een mierenkoningin is ook al zo’n raar insect. In haar plusminus twintig jaar lange leven krijgt ze tal van babymiertjes, maar toch heeft ze slechts één keer seks. Het daaruit voortvloeiend zaad bewaart ze in een soort van spermatheek. Wanneer ze zin heeft om aan haar nageslacht te werken, laat ze enkele zaadcellen los.

 

 

 

 

Weet u wat een orchidometer is? Dat toestel, in 1966 uitgevonden door professor Andrea Prader, heeft niks met orchideeën te maken. Wel wordt het in de gezondheidssector gebruikt om de omvang van testikels te meten.

 

Lees ook Meer van deze auteur