Meesteroplichter Piet Van Haut: “Ik liet vrouwelijke advocaten voor mij masturberen”

Een portret van de meest bekende oplichter van België

save, coins, money, schatztruhe, art
9.103

Zichzelf uitgeven als de zoon van een sjeik om een gratis vlucht te bekomen, masturberen aan het bureau van de onderzoeksrechter, een vrouwelijke BV een fortuin beloven in ruil voor seksuele diensten; Piet Van Haut heeft het allemaal wel eens gedaan. En nog veel meer ook.

Momenteel loopt in het Gentse Guislain-museum een tentoonstelling over internering. Het verhaal van Piet Van Haut, de meest vindingrijke oplichter die ons land ooit gekend heeft, maakt deel uit van die tentoonstelling. Maar wie is Piet Van Haut? En wie denkt hij zelf wel dat hij is?

De verstotene

De miserie van Piet Van Haut begint al op het moment dat hij geboren wordt. Zijn ouders verwachten een tweeling. Het is bijgevolg stevig schrikken wanneer moeder prompt drie koters op de wereld zet: twee identieke meisjes en… Piet.

De meisjes krijgen alle aandacht, de kleine Piet Van Haut brengt het grootste deel van zijn jeugd moederziel alleen op zijn kamer door. Als puber ontwikkelt hij een ernstige vorm van Tourette. Maar dat merken zijn ouders natuurlijk niet. Piet zit immers alleen op zijn kamer te schelden en te vloeken. Verdomme! Gekke smoelen trekken, kan hij ook. Later zal hij, door de extreem eenzame jeugd die hij kende, een ziekelijke drang naar aandacht ontwikkelen.

Tenminste, dat is het verhaal van Piet Van Haut zelf. Volgens zijn ouders kreeg hun zoon alle aandacht die hij maar wenste. Alleen: Van Haut was van kindsbeen af al onhandelbaar. Hij verzon dingen ter plekke en had zelfs psychopatische trekjes. Vandaar dat hij een stuk van zijn jeugd in een instelling doorbracht.

De miljonair

Piet Van Haut smijt zijn geld door ramen, deuren en zelfs de schoorsteen naar buiten. Met zijn rijkdom pakt hij graag uit. Volgens sommige bronnen heeft hij zijn fortuin vergaard door talloze mensen op te lichten, volgens anderen heeft hij nog geen verroeste nagel om aan zijn kont te krabben.

Wat vertelt Piet zelf? Wanneer hij twintig jaar oud is, ontmoet hij een zekere Monique. Zij is de eigenares van een zeepfabriek en zit er warmpjes in. Maar Monique is manisch depressief. Ze holt van de psychiater naar de psycholoog en weer terug. En geen enkele zielenknijper die haar helpen kan. Het enige wat haar enigszins tot rust brengt, is Piets gezelschap. Ze wordt zelfs verliefd. Maar ze beseft wel dat ze, als belegen taart, geen relatie kan beginnen met de jonge snaak.

Monique koopt dan maar een hond. Een witte. En ze noemt hem Piet. In de plaats van met Van Haut, lebbert ze dan maar Piet de hond. Het maakt Monique gelukkig. Haar depressie smelt zelfs als sneeuw voor de zon.

In de rechtszaal ontslaat hij zijn advocaat en voert hij zelf een pleidooi waarvan de rechter zijn oren gaan tuiten. Zo gaat hij de geschiedeins in als de eerste Belg die zichzelf, zonder de hulp van een raadsman, weet vrij te pleiten.

Uit dankbaarheid schenkt ze een groot deel van haar fortuin aan Piet Van Haut. Hoeveel juist, dat kan Van Haut niet zeggen. Of wel: 90 miljoen euro. Of was het nu 90 miljard Belgische frank? In ieder geval genoeg om de rest van zijn leven decadent te leven. “Wil ik zelf mijn geld opmaken in dit leven, dan zal ik het in brand moeten steken. Het is te veel om allemaal te spenderen.”

Wel geeft Van Haut toe dat hij zijn fortuin heeft uitgebreid met hier en daar iets scheef te slaan. Maar omdat hij ontoerekeningsvatbaar werd verklaard, kwam hij er nogal goedkoop van af.

Of zoals Piet het zelf zegt: “Met alles wat ik in mijn leven uitgespookt heb, zou ik als recidivist makkelijk vijfendertig jaar gevangenis kunnen krijgen. Ik zou ook helemaal blut zijn door alle schadevergoedingen en boetes die ik moet betalen. Maar omdat ze mij gek verklaard hebben, laat het gerecht mij met rust. Ik heb mijn gedupeerden nog geen eurocent terugbetaald.”

De oplichter

Piet Van Haut maakt niet alleen verschillende slachtoffers talloze – toen nog – Belgische franken lichter, hij geeft zich ook graag uit voor iemand anders.

Zo is hij benieuwd of de politie gelooft dat hij een procureur-generaal is. En ja, hoor: een kwartiertje later al maakt hij met een federale helikopter een inspectievlucht boven Brussel, Gent en Brugge. “Het onwaarschijnlijke toch kunnen bereiken, dat is fantastisch!”, aldus Van Haut.

Op verschillende evenementen geraakt hij dan weer gratis binnen door zich uit te geven als zoon van koning Albert. Of die keer dat hij een auto-ongeluk veroorzaakt en de arm der wet ter plaatse komt. “Ik ben chef van de veiligheidsdienst en ik zit met een uiterst dringende missie.” Ze laten hem onmiddellijk beschikken.

Wanneer Piet Van Haut zin heeft om te vliegen, dan bezoekt hij gewoon een vliegtuigfabrikant. Hij geeft er zich uit voor de zoon van een steenrijke, Arabische sjeik die een nieuw toestel zoekt om tijdens het weekeinde rond te sjezen. Van Haut krijgt zo meerdere proefvluchten cadeau. Een keer mag hij zelfs de stuurknuppel hanteren.

Tussen al die capriolen door, heeft Piet Van Haut geen vast adres. Hij logeert in diverse chique hotels, waar hij zich – uiteraard – voordoet als een of andere hoge pief. De diners die hij er ‘s avonds eet, zijn niet van de minsten.

Na enkele weken verdwijnt Piet Van Haut dan spoorloos, een onbetaalde rekening van ettelijke honderdduizenden franken achterlatend. Natuurlijk kan hij niet door de mazen van het net blijven glippen. “Ik neem verdorie ontslag als procureur-generaal!”, roept Van Haut terwijl de politie hem uiteindelijk in de boeien slaat.

“Ik ben niet gek, ik ben gewoon anders dan de meeste mensen. Maar gerechtspsychiaters! Dat zijn de grootste debielen die rondlopen. Ze zouden zélf geïnterneerd moeten worden”

In 1997 krijgt Van Haut vier jaar effectief voor valse naamdracht, valsheid in geschriften en oplichting. Gedurende de volle achtenveertig maanden die hij in de gevangenis van Brugge doorbrengt, mag hij geen contact hebben met andere gevangenen. Hij wordt nauwlettend in de gaten gehouden door de directeur zelf. Die heeft schrik dat Piet medegedetineerden of cipiers omkoopt om gunsten te verkrijgen.

Wanneer Van Haut in 2001 vrijgelaten wordt, schuimt hij opnieuw alle rijkelijk gevulde hoteltafels af. Zo komt het dat hij op 10 december 2002 opnieuw voor de kamer van inbeschuldigingstelling verschijnt. In Gent deze keer.

In de rechtszaal ontslaat hij zijn advocaat en voert hij zelf een pleidooi waar de rechter zijn oren van gaan tuiten. Zo gaat hij de geschiedeins in als de eerste Belg die zichzelf, zonder de hulp van een raadsman, weet vrij te pleiten. Onder voorwaarden weliswaar.

De prettig gestoorde

Piet Van Haut wordt naar eigen zeggen door wel honderd gerechtspsychiaters onderzocht. Ze komen zelfs speciaal uit Nederland. Maar de dokters geraken het niet met elkaar eens. Is de man achterlijk? Is hij ontzettend intelligent? Is hij wel gek en doet hij niet alsof? Schizofreen misschien?

Piet Van Haut weet wat de psychiaters zelf niet weten. “Ik ben niet gek, ik ben gewoon anders dan de meeste mensen. Maar gerechtspsychiaters! Dat zijn de grootste debielen die in België rondlopen. Ze zouden zélf geïnterneerd moeten worden.”

De man die advocates voor zijn handkarretje spant…

Piet Van Haut brengt dus vier jaar door in de gevangenis van Brugge. Daar mag hij geen contacten onderhouden. De enige mensensoort die hij zoveel mag zien als hij wil, zijn advocaten. Daar maakt Van Haut gretig gebruik van. Hij sommeert de raadsvrouwen langs te komen, gekleed in ofwel een lederen broek, ofwel een Levi’s 501. Dat maakt hem zo heet als een haantje in de oven.

Hij krijgt sommige dames zelfs zo ver dat ze – tegen extra betaling – voor hem masturberen. Uiteraard slaat hij dan ook de hand aan zichzelf. Kleenex is immers onbeperkt verkrijgbaar, daar in de gevangenis.

Maar Van Haut wordt niet alleen opgewonden van strak in het pak zittende advocates. “Mezelf uitgeven als procureur-generaal, daar werd ik geil van. Ik moest me daar ooit voor verantwoorden bij de onderzoeksrechter. Die moest op een bepaald ogenblik naar het toilet. De griffier was in dezelfde kamer kopijen aan het maken, maar schonk geen aandacht aan mij. Ik heb toen snel gemasturbeerd. Aan het bureau van de onderzoeksrechter.”

… maar ook single Bekende Vlamingen

2013. Eva Pauwels schreeuwt het uit in de boekskes dat het over en out is met haar Franky. En dat ze, omwille van haar chronische grote dorst, financiële beslommeringen heeft. Krijgt ze telefoon van ene Piet Van Haut. Of ze geen zin heeft om tijd met hem door te brengen, in ruil voor twee miljoen euro?

De goedgelovige Eva Pauwels maakt wel kennis met Van Haut, maar centen krijgt ze nooit te zien.

Schandaalprostituee? Een bom, ja!

 

Heel Nederland staat in juni 2014 in rep en roer. Ludwina D., toezichthouder bij De Nederlandsche Bank, blijkt in haar vrije tijd bij te klussen als luxe-escorte onder het pseudoniem Conchita van der Waal. Ze krijgt op staande voet haar ontslag. In een mum van tijd smult de internationale pers van het verhaal van de ‘schandaal-prostituee’.

Die woorden maken Piet Van Haut woest. “Conchita is geen schandaal!”, laat hij weten. “Het is een bom van een wijf, zoals er maar weinig bestaan. En ik kan het weten, want ik ben haar beste klant. En als ik zeg een raket, dan is het een raket!” Als bewijs laat hij een filmpje van Conchita en hem op de wereld los. Opgenomen in een bed en redelijk NSFW.

 

De man die uit de instelling ontsnapte

In 2005 wordt Van Haut geïnterneerd. Hij vervalt in een oude gewoonte en schrijft tientallen advocates aan. Juridische bijstand heeft hij niet nodig, wel hun gezelschap. Ook nu schikken de dames zich naar Van Hauts kleding- en andere wensen. Sommige bewakers spreken van een bordeel in plaats van een instelling. “Maar dankzij de advocates heb ik die ontzettend eenzame opsluiting wel kunnen overleven”, aldus Van Haut.
In augustus krijgt hij een dagje vrij om naar Amsterdam te gaan. Hij keert echter niet terug naar de instelling. Enkele dagen later krijgt de redactie van een Vlaamse krant een anoniem telefoontje. “Ik keer niet terug. De directeur probeert me af te persen. Ik zit in een hotel in de Ardennen, maar ik zal deze keer mijn rekeningen wel betalen.” Piet Van Haut loopt ook vandaag nog vrij rond.

 

 

 

REACTIES