Van de pot gerukte middeltjes tegen erectiestoornissen door de eeuwen heen

694

Een sergeant-majoor die dienst weigert: ook in de oudheid werden mannen – en hun vrouwen – daar wel eens mee geconfronteerd. Maar het blauwe pilletje bestond toen nog niet…

Een jaartje of 2.500 voor Christus geloven Chinese geleerden dat bij een man van rond de zestig jaar, de yin en yang uit balans geraken. Zo ook bij de toenmalige keizer. Dat is een grote ramp. De mens heeft namelijk twaalfhonderd vrouwen gelukkig te houden in bed.

Gelukkig maken Chinese specialisten een kruidenmengeling van maar liefst tweeëntwintig uiterst geheime ingrediënten, waardoor de keizer weer beter presteert dan een achttienjarige testosteronbom. Althans, zo gaat de legende toch.

De oude Egyptenaren geloven niet in de Yin en de Yang van de Chinezen. Omstreeks 1.600 voor Christus hebben zij de echte reden van impotentie gevonden. Kwaadaardige vloeken. Gelukkig vinden knappe bollen al snel een remedie om de rampspoed teniet te doen. Gemalen babykrokodillenhart op de dienstweigerende zwengel smeren en afwachten maar.

De Maya’s zijn rond 1.000 voor Christus heel wat nuchterder. Op een ouder wordend lichaam komt nu eenmaal sleet. Dat de vogel in de loop der jaren minder hoog vliegt, is bijgevolg normaal. In wondermiddeltjes geloven ze niet, maar de blauwe lotus – een bloem die ze ook veelvuldig gebruiken voor religieuze ceremonieën – kan misschien wel soelaas bieden.

Mogelijk hadden die oude Maya’s nog gelijk ook. Tegenwoordig weet men dat de blauwe lotus apomorphine bevat. Een stof waarvan men momenteel onderzoekt of ze ingezet kan worden tegen erectiestoornissen.

In ongeveer 330 voor Christus doet de Griekse filosoof en wetenschapper Aristoteles een ontdekking. Wanneer hij de lijfjes van gedroogde Spaanse vliegen – een keversoort – maalt en oraal inneemt, wordt hij bijzonder hitsig. De vrouw van de Romeinse keizer Tiberius verneemt het nieuwtje. Stiekem vermengt ze het goedje in een feestmaaltijd. Wat later zitten alle mannelijke gasten met een tent in de broek aan de tafel. Er volgt een heus orgie, want ook de dames krijgen een onverklaarbare aanval van hitsigheid.

Tegenwoordig weet men dat Spaanse vlieg ook giftig is en erecties kan uitlokken die soms dagenlang aanhouden. De Spaanse vlieg die u tegenwoordig in de betere seksshops koopt, bevat dan ook geen milligram gemalen kever meer.

In de dertiende eeuw komt theoloog Thomas Aquinas verbijsterd tot de conclusie dat erectiestoornissen veroorzaakt worden door… demonen. En vrouwen zijn verantwoordelijk voor die kwelgeesten. In het boek Malleus Maleficarum wordt later omschreven hoe mannen met erectieproblemen de vrouw kunnen opsporen die hun gereedschap beheksten. En hoe ze hen, liefst met zoveel mogelijk geweld, moeten ombrengen.

In het begin van de zeventiende eeuw ontdekt de mensheid dat de behandeling voor erectieproblemen eigenlijk kinderlijk eenvoudig is: een trekbeurt uitgevoerd door een knappe vrouw. En kan die geen beweging in het zaakje krijgen, dan is de vogel zo dood dat hij nooit meer gereanimeerd kan worden.

In 1918 zit een Russische dokter zijn hoofd te breken over het onderwerp ‘impotentie’. ‘s Avonds neemt hij een flinke slok van zijn wodka, waarna hij uitroept: “Eureka! De oplossing zit in apenkloten! Als je ziet wat bijvoorbeeld bonobo’s afseksen per dag…”

Een transplantatie van apentestikels naar een impotente patiënt brengt echter niet het gehoopte succes. Integendeel. De man zijn gloednieuwe aardappeltjes sterven af. De knikkers vallen letterlijk weer van zijn lijf. Nadien probeert de dokter het nog met de okkernoten van geiten, beren en herten, maar het resultaat is steeds hetzelfde.

In 1960 ontdekken dokters dat vele zoogdieren botten hebben in hun penis. Verschillende mannen met erectiestoornissen krijgen synthetische botten in hun jongeheer. Dat blijkt al snel niet echt handig. De heren lopen dag en nacht met een strakke plasser rond. Met constante pijn, verontwaardigde blikken en andere ongemakken tot gevolg.

Begin jaren zeventig gebruikt men voor het eerst een implantaat dat desgewenst vol lucht gepompt kan worden. Een behandeling die tot op heden soms gebruikt wordt.

In 1972 ontwerpt de uitbater van een bandenwinkel een cilinder waarop hij een bandenpomp kan monteren, zodat hij de koker vacuüm kan trekken.

Op een avond sluit hij zijn winkel af, neemt hij zijn uitvinding vast en peinst hij: “Wat kan ik hier nu in godsnaam mee uitvreten?” Hij trekt zijn broek af, zet het ding over zijn spel en pompt. Groot is zijn verbazing wanneer hij een knoert van een erectie krijgt. Maar de zakenman in hem ziet er wel brood in: de penispomp is geboren.

In 1982 wil een Franse chirurg zijn patiënt de spierverslapper papaverine toedienen. De geneesheer struikelt en plant de spuit per abuis pardoes in de plasser van de patiënt. Die laatste krijgt meteen een erectie. Er wordt een verslag van de bevindingen gemaakt, andere geneesheren doen meer onderzoek.

Een jaar later doet een Britse geleerde iets opmerkelijks tijdens een medische bijeenkomst. Hij trekt zijn broek af, injecteert zijn ding met papavarine en laat iedere aanwezige zijn erectie bewonderen. Een nieuwe behandeling tegen impotentie is geboren.
In 1994 gaan onderzoekers na of de stof sildenafil kan ingezet worden ter behandeling van  keelontstekingen. Ze ontdekken al snel dat mannelijke proefkonijnen vaak een tent in hun broek opzetten. In 1998 is Viagra – met sildenafil als werkzaam bestanddeel – officieel een geneesmiddel om erectieproblemen te behandelen. Later volgen nog Cialis en Levitra, met daarin dezelfde stof.

Vandaag maken wereldwijd zo’n dertig miljoen mannen dankbaar gebruik van de blauwe wonderpil, of afgeleiden ervan.