Het verhaal van Cudjoe Lewis, de laatste overlevende van de trans-Atlantische slavenhandel

287

Hoewel de slavenhandel in de Verenigde Staten in 1807 officieel aan banden werd gelegd, werden er in de praktijk nog jarenlang Afrikaanse slaven het land in gesmokkeld. Cudjoe Kazoola Lewis is de laatste bekende overlevende van deze illegale mensensmokkel en deed in 1930 zijn verhaal aan een antropologe. Het boek werd echter pas in mei 2018 integraal gepubliceerd.

Antropologe en schrijfster Zora Neale Hurston ontdekte zo’n 60 jaar na de afschaffing van de slavernij in 1865 de laatste overlevende van het laatste slavenschip dat Afrikaanse gevangenen naar de Verenigde Staten smokkelde. Cudjoe Kazoola Lewis was in 1930 reeds 90 jaar oud en stond Hurston toe hem verschillende keren te interviewen. Lewis’ verhaal over zijn ontvoering en gedwongen tewerkstelling op de plantages van Alabama werd echter pas jaren later gepubliceerd, omdat Hurston weigerde het taalgebruik van de man aan te passen aan het standaard Amerikaans-Engels. Het niet aanpassen van vernaculair taalgebruik werd zelfs door sommige Afro-Amerikaanse denkers in twijfel getrokken, aangezien dat het Westerse karikaturistische beeld van zwarte mensen zou kunnen versterken. Hurston, zelf een belangrijk vertegenwoordigster van de Harlem Renaissance (een artistieke beweging van Afro-Amerikaanse schrijvers en kunstenaars in 1920) gaf echter niet op. In mei vorig jaar werd het boek eindelijk gepubliceerd onder de titel Barracoon: The Story of the Last “Black Cargo”.

Het hartbrekende verhaal van Cudjoe Kazoola Lewis is een getuigenis uit de eerste hand over het trauma van gedwongen slavernij. Cudjoe Kazoola Lewis werd als Cudjo Kossula geboren in 1840 in het Yorùbá volk, de op twee na grootste etnische groep van Nigeria. Zijn vader heette Oluwale en zijn moeder Fondlolu. Kossula had nog vijf broers en zussen en twaalf halfbroers en -zussen, die zijn vader verwekt had bij zijn andere twee vrouwen. In de zomer van 1860 werd Kossula, toen 19 jaar oud, gevangen genomen door het leger van het Dahomey koninkrijk. Dit koninkrijk lag in het zuiden van de huidige West-Afrikaanse republiek Benin en stond bekend om het voeren van oorlogen voor het verkrijgen van slaven. Deze slaven werden ofwel in het koninkrijk zelf tewerkgesteld ofwel aan slavenhandelaren verkocht.

Dat laatste overkwam Kossula, die samen met zo’n honderd andere mannen en vrouwen op het slavenschip Clotilda gestouwd werd. Clotilda werd het laatste slavenschip dat de kust van de Verenigde Staten zou bereiken. De gevangenen werden aan land gebracht aan de Baai van Mobile, een inham in de Golf van Mexico in de staat Alabama. Aangezien de slavenhandel op dat moment al 50 jaar verboden was in de VS, staken de smokkelaars het schip in brand en brachten ze Kossula en zijn lotgenoten verschillende dagen onder in een moeras, voordat ze uit elkaar werden gehaald en afzonderlijk te werk werden gesteld op verschillende plantages in Alabama. De restanten van het slavenschip Clotilda zouden pas in januari 2018 ontdekt worden.

Kossula’s naam werd door de Amerikanen verbasterd tot Cudjoe Kazoola Lewis. Een deel van zijn getuigenis leest als volgt:

“We very sorry to be parted from one ’nother. We seventy days cross de water from de Affica soil, and now dey part us from one ’nother. Derefore we cry. Our grief so heavy look lak we cain stand it. I think maybe I die in my sleep when I dream about my mama. We doan know why we be bring ’way from our country to work lak dis. Everybody lookee at us strange. We want to talk wid de udder colored folkses but dey doan know whut we say.”

Na de Amerikaanse burgeroorlog verkregen Cudjoe Kazoola Lewis en de andere slaven in Alabama de vrijheid. Zijn verzoek tot repatriëring kreeg geen gevolg en ook de andere beloftes die de voormalige slavenarbeiders gemaakt werden, zoals bijvoorbeeld een compensatie van veertig hectaren grond en een muilezel, werden niet ingelost. Verbitterd trok Cudjoe Kazoola Lewis samen met 31 andere vrije slaven naar de hoofdstad van Alabama, Mobile. Samen konden ze genoeg geld bij elkaar sparen om een stuk land op te kopen, dat ze Africatown doopten. Daar stierf Cudjoe Kazoola Lewis op 17 juli 1935, op 95-jarige leeftijd. Vandaag de dag staat er in Africatown, Mobile, Alabama een standbeeld van Cudjoe Kazoola Lewis, dat in 2016 door April Terra Livingston werd opgetrokken en de inwoners herinnert aan de strijd die zijn volk geleverd heeft.

(Foto: Amy Walker)

REACTIES

Lees ook Meer van deze auteur