Opmerkelijke berichten uit het verleden: de fantastische zomer van 1947

628

Elke week richt P-magazine zijn blik op het verleden. Zoals we oude fotoshoots van onder het stof halen, kloppen we ook de meest bizarre, spraakmakende berichten uit de geschiedenis nog eens af. Vandaag kijken we met een verfriste blik terug op de zomer van de eeuw, die van 1947.

27 juni 2019 is de dag waarop menig mens, (huis)dier en ventilator opgelucht adem haalt. Een frisse ochtendwind brengt verkoeling voor oververhitte slaapkamers en snikhete lichamen. Het wordt een doodnormale zomerdag met maximumtemperaturen tot 25 graden.

Maar 27 juni 1947 was een dag die de geschiedenisboeken zou ingaan. Het was een doodnormale vrijdag, die menig weerliefhebber en klimatoloog echter van extase een vochtige plek in de broek zou bezorgen. Maar laten we niet op de feiten vooruit lopen.

De winter van 1947 was ijskoud. Een front van een IJsland-depressie vestigde zich boven onze contreien, terwijl er zich boven Rusland een hogedrukgebied vormde dat zich snel westwaarts bewoog. Koning Winter stopte heel Europa in een diepvries en keek er de volledige maand februari niet meer naar om. Maar liefst dertien ijsdagen, waarop het kwik niet boven de nul graden klom, volgden elkaar in België op en de langste koudegolf van die winter daalde over ons land neer. Enorme sneeuwhopen bedekten de Vlaamse velden, de binnenwateren vroren dicht en de Noordzee verwerd tot een dikke brei van bevroren schuim, kleine stukjes ijs en grote schotsen.

In Duitsland werd de Hungerwinter van ’46-’47 een humanitaire ramp, in Berlijn vroor het 32 graden, Engeland meldde de koudste winter sinds 1894 en in het noorden en oosten van Nederland raakten enkele dorpen dagenlang geïsoleerd.

Zelfs in maart wilde het maar niet opwarmen. Sneeuwstormen bleven Europa teisteren en ook op 12 maart 1947 kwam de temperatuur de hele dag niet boven het vriespunt uit. Drie dagen later loste Koning Winter eindelijk zijn greep en kwam de lang verwachte opwarming in de vorm van een zuidwesterstorm.

In mei volgde dan eindelijk een langere periode met zonnig en stabiel zomerweer, die uiteindelijk, na één van de strengste winters sinds het begin van de metingen, de warmste zomer van de 20ste eeuw zou inluiden. Maar liefst vier hittegolven volgden elkaar dat jaar op. De langste liep in ons land van 10 tot 28 augustus 1947. Negentien dagen lang weigerde het kwik onder de 25 graden te zakken.

Maar het was twee maanden eerder, op 27 juni 1947, vandaag 72 jaar geleden, dat de weerkundigen in Ukkel bijna van hun stoel vielen en het zweet van ongeloof meerdere keren uit hun ogen moesten wrijven. Voor de allereerste keer werd de hoogste maximumtemperatuur ooit genoteerd. De 36,6°C werden later, met de meest moderne inzichten, gecorrigeerd naar 38,8°C. Alleen in de zomer van 2003 en 2018 zou deze temperatuur nog benaderd worden.

REACTIES

Lees ook Meer van deze auteur