Roos Van Acker: “Ik wou niet echt een babe zijn”

2.934

We hebben persoonlijk altijd al een boontje gehad voor de goedlachse Studio Brussel-presentatrice Roos Van Acker. We spreken af in haar loft in Mechelen voor een gesprek over de jaren 80, 90, en 2000. Wat volgt is een babbel over relaties met collega’s , het genot van naar mooie vrouwen te kijken en kakken met de deur open. Roos is een vrouw naar ons hart, zeker als ze in haar verpleegsterpakje kruipt!

Je bent een kind van de jaren 80. Welke zijn jouw eerst herinneringen aan deze periode? Wij komen niet verder dan sponsen broekskes in de kleuterschool…
ROOS VAN ACKER: “Oh Ja, Ik had ook sponsen broekskes. (lacht) Ik herinner mij vooral een pijnlijk voorval in de eerste kleuterklas met zo’n broekske. Maar om daar meteen het interview mee te beginnen…”

Wij zijn een en al oor als het over pijnlijke voorvallen gaat.
VAN ACKER: “Soms droom ik nog over het sponsen broekje. Ik ging in Wondelgem naar school en op een dag heb ik in de klas in mijn broek gekakt. Juffrouw Kristien heeft me toen zo’n ‘mooi’ sponsen broekje met regenboogkleurtjes gegeven. Ik schaamde me dood en ben het nooit vergeten. Roos Van Acker de broekkakker… “ (lacht)

Heb je ook nog minder pijnlijke herinneringen aan die periode?
VAN ACKER: “Ik herinner mij het begin van VTM met Lynn Wesenbeek en Marlène de Wouters nog zeer goed. Mijn pa had het niet graag maar ik keek heel veel televisie. Wanneer ik thuis van school kwam, ging ik direct voor het toestel zitten. Mijn pa controleerde achteraf altijd of het toestel warm was. Dan wist hij dat ik weer gekeken had. (lacht) Voordat VTM er was, keek ik vooral naar de Nederlandse kinderprogramma’s zoals Achterwerk in de kast en Theo en Thea, maar die vond ik een beetje vies. Eigenlijk keek ik te veel televisie.”

Was het toen al een jeugddroom om voor de televisie te gaan werken?
VAN ACKER: “Mij ma vertelt me altijd dat ik in mijn eentje op mijn kamer een show opvoerde voor mijn knuffels. Het zat toen misschien al wel in me. Toen ik wat ouder werd, was ik fan van Christian Slater en de film Pump up the volume. Dat ging over een introverte gast die een een piratenradiozender opstart. Heel die film heb ik toen uitgeschreven als een toneelstuk. Ja, toen was ik al zo’n freakje.“

Ik zou het heel lullig vinden als ze tegen mij I love you zouden zeggen. Ik zie je graag is toch veel persoonlijker.

Toch zagen je ouders een toneelopleiding aan Herman Teirlinck niet zitten.
VAN ACKER: “Dat klopt. Ik moest eerst een deftig diploma behalen. Het is dan Germaanse geworden. Dat is ouderwets, maar ja… Mijn vader heeft op een gegeven moment besloten om ons op te voeden in deftig Algemeen Nederlands. Hij was zeer extreem op dat vlak. Zo had hij ook zijn eigen woorden zoals puntbroodjes in plaats van sandwiches. We waren thuis echt wel bezig met de Nederlandse taal. Omdat ik introvert was, heeft mijn moeder er voor gezorgd dat ik voordracht ben gaan volgen. Zij heeft me eigenlijk op het podium geduwd. Zelf heb ik niet graag veel aandacht. Enkel als het moet zal ik op een podium gaan staan. Ja, uiteindelijk heb ik er wel mijn beroep van gemaakt. Nu praat ik wel graag, maar als ik een podium op moet, doe ik het nog altijd in mijn broek, hoor.”

Uiteindelijk ben je dan toch op het podium gaan staan met de rockgroep Eden. Niet met Nederlandstalige liedjes maar volledig in het Engels.
VAN ACKER: “Alles wat ik van de radio opnam op mijn cassettes was in het Engels. Die zong ik dan mee, niet altijd in correct Engels. Zo zat ik nog eens voor de televisie en men kondigde Gloria Estefan met Dr. Beat aan. Ik zat me tijdens de clip de hele tijd af te vragen waar die Stefan van Gloria en Stefan bleef. (lacht) Dus ja, alles was in het Engels. Ik schreef vroeger gedichtjes en vertaalde die dan naar het Engels. Dit werden dan de teksten voor Eden. Ik heb toen niet bij de taal stilgestaan. Al mijn voorbeelden, zoals Magnapop en de Pixies, zongen in het Engels. Het is ook veel gemakkelijker omdat het Nederlands veel directer is. Er zijn mensen die I Love you zeggen in plaats van ‘ik zie je graag’. Ik zou het heel lullig vinden al ze tegen mij I love you zouden zeggen. Ik zie je graag is toch veel persoonlijker.”

Zelf heb ik me nooit echt mooi gevonden. Je weet wat er fout is aan jezelf. Nu wil ik niet aan valse bescheidenheid doen. Met het ouder worden besef ik wel dat ik eigenlijk wel meeviel in die tijd.

Vanaf 2000 begon je televisiecarrière en werd je al snel de blonde babe van TMF. Hoe ging je om met al die aandacht?
VAN ACKER: “Nu met het ouder worden vind ik dat leuker dan toen. Ik ga niet zeggen dat dit niet fijn is, maar ik krijg toch liever aandacht voor wat ik kan. Zelf heb ik me nooit echt mooi gevonden. Je weet wat er fout is aan jezelf. Nu wil ik niet aan valse bescheidenheid doen. Met het ouder worden besef ik wel dat ik eigenlijk wel meeviel in die tijd. Maar ik wou niet echt een babe zijn. Ik heb ook nooit echt veel zelfvertrouwen gehad. Dat is al wel beter geworden met het ouder worden.”

Maar heb je het ooit als lastig ervaren?
VAN ACKER: “Misschien wel een klein beetje als het er op aankwam om een lief te vinden. Ik zat bijna altijd in het buitenland voor Expeditie Robinson, Peking Express. In het begin kon ik dat gemakkelijk doen omdat ik geen lief had, maar dat keerde zich om. Net omdat ik veel in het buitenland zat, vond ik geen lief meer. Dan ben ik een lief op de werkvloer beginnen zoeken. Al mijn lieven waren collega’s zoals cameramannen, enz. Zij wisten hoe ik in het echt ben. De meeste mannen die me kennen van op de cover van een magazine of televisie hebben een beeld van me dat niet helemaal klopt. Op televisie ben ik maar een uitvergroot stuk van mezelf. Dus ja, iemand vinden die valt op wat ik echt ben en niet de ‘blonde babe’ was moeilijk.”

Nu heb je een vaste relatie maar tot enkele jaren terug was je relatiestatus een vast item in de media.
VAN ACKER: “Nadat mijn pa is gestorven ben ik een tijdje op de dool geweest. Ik ben heel lang samen geweest met een cameraman. Wat trouwens grappig is, want die staat nu in de boekskes als nieuw lief van Tatyana Beloy. Hij is toen in de tijd verliefd geworden op een Spaanse. Ik heb hem toen buitengegooid en ben toen een tijdje mijn leven gaan leiden. (lacht). Maar nu gaat het terug goed in de liefde, al drie jaar en een half samen.”

Ik stond niet echt achter Hole in the wall. Tijdens die periode waren er verschillende bazenwisels bij VT4 en men dreigde toen met mijn ontslag.

Zijn er opdrachten waar je achteraf gezien beter niet was op ingegaan?
VAN ACKER: “Ik stond niet echt achter Hole in the wall. Tijdens die periode waren er verschillende bazenwisels bij VT4 en men dreigde toen met mijn ontslag. Mijn pa lag op sterven en ik heb hem gevraagd of dat hij vond dat ik het moest doen. ‘Goh, er wordt al zo weinig gelachen in de wereld, doe dat maar’, was zijn reactie. Hij is niet veel later gestorven. Eigenlijk heeft dat onnozel doen tijdens de opnames me door die moeilijke periode geholpen.”

Je reageerde redelijk nuchter nadat Vier je na een carrière van 11 jaar bij VT4 aan de kant zette.
VAN ACKER: “Na Hole in the wall ben ik naar de VRT overgestapt om de vrijdagavondshow Goeie Vrijdag samen met Sofie Van Moll te presenteren. Ik was dus eigenlijk al niet meer gebonden aan VT4. Ik ben ook altijd voor Studio Brussel blijven werken. Het is eigenlijk allemaal vrij natuurlijk gegaan. Ik lees trouwens nog steeds voice overs in voor Vijf. Er zijn wel veel mensen van toen verdwenen. Na de VRT heb ik ook nog bij VTM gewerkt voor het coming-out programma Uit de kast.”

Van Acker moet uit de kast komen? Ik heb dat al lang gedaan! Vrouwen kunnen echt prachtig zijn.

In een interview over dat programma liet je verstaan dat je vrienden je aanmaanden om zelf uit de kast komen.
VAN ACKER: “Ik heb altijd gezegd dat ik hou van de mensheid. In hoeverre moet ik dan nog uit de kast komen? Ik ben meter van de Holebifoon. De jeugd denkt volgens mij al lang niet meer in hokjes. Zo luisteren ze nu meer dan vroeger naar verschillende genres van muziek. Of het nu over muziek of op wie je valt gaat, ze zijn niet meer zo gebonden aan die hokjes. Wat maakt het nu uit of je homo bent? In landen als Tsjetsjenië is dat natuurlijk een ander verhaal maar ik hoop dat de jeugd in ons land daar niet van wakker ligt. ‘Van Acker moet uit de kast komen?’ Ik heb dat al lang gedaan! Vrouwen kunnen echt prachtig zijn. Ik hou van kijken naar mooie mensen en dat hoeven dan geen knappe personen zijn. Jack Nicholson is geen mooie man maar wat een karakterkop! Maar mijn mond kan echt openvallen als ik een mooie vrouw zie. Absoluut!”

Nu we het toch over vrouwen hebben. Af en toe komen er verhalen naar buiten van vrouwen die niet op een correcte manier worden behandeld door hun mannelijke collega’s. Heb jij daar zelf ooit last van ondervonden?
VAN ACKER: “ In de media werken er veel mannen en ik heb wel geleerd dat je moet zien hoe je als vrouw omgaat met mannen. Ik ben van nature zeer los en spontaan en dan valt het sneller voor dat er iemand verliefd op je wordt. Dit is al voorgevallen met iemand in een hogere functie. Toen ik daar niet op inging, viel dat niet in goede aarde en werd ik daar op afgerekend. Dat heb ik toen echt gemerkt. Dat is in het verleden een paar keer voorgevallen. Dat is zeer jammer. Ik vind dat je dat gescheiden moet kunnen houden. Maar hoe moet je als vrouw dan het spel meespelen? Steeds zeggen dat je niet mee naar een feest gaat omdat je enkel vrienden wil blijven? Je kan jezelf omhoog poepen in de media, maar ik ben niet van dat principe. Zelf heb ik de kans gehad en ik heb dat niet gedaan. Laten we zeggen dat ik een slechte netwerker ben. (lacht). Maar om uw vraag te beantwoorden: nee, ik heb daar zelf nooit last van gehad.”

Je kan jezelf omhoog poepen in de media, maar ik ben niet van dat principe.

Binnenkort sta je terug op het podium met twee andere vrouwen, Pascale Platel en Nele Van Den Broeck. Wat kunnen we verwachten?
VAN ACKER: “Drie zotte gevallen, drie verschillende generaties op een podium. ‘Totdatzeerdoet’ gaat over de liefde maar in de hele brede zin van het woord. Ik ga van alles doen met taal, muziek en rare dingen. Nele zorgt vooral voor de muziek, op een heel grappige manier. En Pascale blijft volledig zichzelf. Wat een topvrouw! Vroeger zei ik altijd dat ik op mijn veertigste iets met theater en cabaret zou gaan doen. En nu is het zover. Deze keer is het met drie, maar als het voor me goed aanvoelt ga ik er misschien wel in mijn eentje staan.”

Hoe zit het eigenlijk met de grote comeback van Eden? In 2013 werd die aangekondigd, maar tot op heden…
VAN ACKER: “Nee die komt er niet. We hadden een nieuwe single die gedraaid is geweest op Radio 2 maar daarna is het eigenlijk doodgebloed. Naar mijn mening waren we muzikaal gezien blijven steken in de jaren 90. Het was super leuk om terug samen te repeteren maar we vonden dat we niet echt vernieuwend bezig waren. We brachten niets bij tot wat er nu muzikaal gebeurt. Je moet weten dat de anderen ook allemaal een gezin hebben waar heel veel tijd in kruipt. Het is een nee geworden… Maar misschien doe ik het alleen, hè. Wie weet deze keer wel in het Nederlands? Dan maak ik er Heden van.“

In het weekend moet je vroeg uit de veren voor Was het nu 80, 90, of 2000? op Studio Brussel. Wil dit zeggen dat je geen uitgaansleven meer hebt in het weekend?
VAN ACKER: “Dat heeft inderdaad een enorme impact op mijn leven. Naar feestjes gaan in het weekend lukt niet meer. Het is natuurlijk maar twee dagen maar het zijn wel net de twee dagen van het weekend. Ik kan dus ook nooit aanwezig zijn op de feestjes van Was het nu 80, 90, of 2000? Dat is verschrikkelijk, eigenlijk zou ik die moeten presenteren. Misschien moet ik dat toch eens gaan zeggen tegen de baas. (lacht) Vroeger deed ik ook nog tijdens de vakanties de ochtenden op Studio Brussel. Gelukkig waren we steeds met twee. Wanneer ik nu ‘s morgens in het weekend toekom bij Studio Brussel ben ik helemaal in mijn eentje. Er is niemand aanwezig zo vroeg. Het voordeel is dat ik de de muziek heel luid kan zetten en dat ik kan kakken met de deur open. (lacht).

Hoofd muziek van Studio Brussel zegt me regelmatig dat ik wat meer dance moet draaien (lacht)

Ben je nog mee met alle nieuwe muzikale geweld of situeren je muzikale helden enkel in de jaren 80, 90, of 2000?
VAN ACKER: “Ik volg zeker nog de nieuwe muziek, het komt allemaal wat trager onder m’n aandacht maar ik volg het nog. Het gaat tegenwoordig allemaal zo snel. Hoeveel nieuwe muziek er allemaal voorbijkomt. Maar niets blijft heel lang hangen. Echte helden zijn natuurlijk The Beatles, die heb ik leren kennen via mijn pa. Maar ik geniet ook nog van Stevie Wonder, Tool en grungemuziek zoals Pearl Jam. De nieuwste plaat van Queens Of The Stone Age vind ik ook zeer geslaagd. Joris Jonckheer, Hoofd muziek van Studio Brussel (nvdr. de man die samen met Gunter D. de botsautoplaten maakt) zegt me regelmatig dat ik wat meer dance moet draaien (lacht). Ik besef dat ik vaak jaren negentige rockmuziek in de playlist zet. Ik moet altijd goed kijken dat ik per uur genoeg muziek van de jaren 80 en 2000 draai.“

Stel je de playlist volledig zelf samen?
VAN ACKER: “Dat maakt mijn job net zo leuk. Ik stel volledig zelf de playlist samen. Maar ik moet van Joris meer dance in de playlist steken. Persoonlijk heb ik daar niet zo heel veel mee. Behalve wat jaren 90 dance zoals Underworld, Chemical Brothers en The Prodigy. Ik probeer wel af en toe nog muziek van de jaren zeventig er tussen te smokkelen. Bij een bepaalde verjaardag van een album lukt me dat nog wel.“

Als we het zo horen, is radio zeer fijn om te maken, maar voor welke televisie-opdracht mogen ze Roos nog steeds contacteren?
VAN ACKER: “Ik moest onlangs iemand vervangen bij een pilootaflevering van Het Collectief geheugen, een quiz gepresenteerd door Kamal Kharmach die binnenkort op het scherm te zien zal zijn. Toen ik na die twee afleveringen thuiskwam, dacht ik wel even “dju, ik doe dat eigenlijk toch graag”. Als ik zelf zou mogen kiezen zou ik graag zo’n programma als Allah in Europa van Jan Leyers maken. Alleen is er voor vrouwen ouder dan veertig jaar niet veel plaats op televisie. Een Terzake of zo presenteren zou ik echt nog wel graag doen. Maar ik heb het label van te springerig en te zot te zijn. Voor alle duidelijkheid, ik ben niet aan het solliciteren voor een job. (lacht) Maar ik heb nog wel een paar ideeën waarmee ik binnen een paar jaar naar de zenders stap. Ik geef momenteel les en dat is ook heel fijn, maar door de opnames van Het Collectief geheugen merkte ik wel dat ik het toch een beetje mis. Een tijdje terug was ik het allemaal een beetje beu. Wat je daarnet al aanhaalde met mijn relaties die steeds in de pers kwamen en andere dingen die het even niet meer leuk maakten. Zo’n interview als dit is ten minste leuk, het gaat ergens over.”

Geen dank!

Interview: Yves Peeters & Bert Pichal

REACTIES

Lees ook Meer van deze auteur